Verbonden met Maria

Nog meer dan Paulus en de andere heiligen, is Maria iemand die kan getuigen: ” …ik leef, maar niet ik, het is de Christus die in mij leeft.” (cfr. Gal. 2,20). Inderdaad, Maria weet wat het betekent, te leven in de gemeenschap van de heilige Drie-eenheid: ze is de dochter van de Vader, de moeder van de Zoon en de bruid van de Geest.

In alle stappen van haar leven, zegt Maria haar “ja”. “Niemand beter dan Maria kan ons meer helpen om naar Christus te kijken … het is de droevige blik van een vrouw wanneer ze op Golgotha staat onder het kruis; of de stralende blik op de Paasmorgen door de vreugde van de Verrezene; of de hartstochtelijke blik bij de uitstorting van de heilige Geest” (Hand. 1,14).
(Johannes-Paulus II, Apostolische brief “Rosarium Virginis Maria – De rozenkrans van de Maagd Maria”, nr. 10, 2002). De rozenkrans bidden is precies dat alles, het is de weg van het geloof in Jezus Christus gaan, die Maria is gegaan”.

In het eerste hoofdstuk van het Matheus-evangelie zegt de engel: “Jozef, zoon van David, wees niet bevreesd Maria, uw bruid tot u te nemen; het kind uit haar geboren is van de heilige Geest” (Mt. 1,20). En in het voorlaatste hoofdstuk van het Johannesevangelie staat er: “Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de geliefde leerling, zei Hij: ‘Vrouw ziedaar uw zoon’. En daarna tot de leerling: ‘Ziedaar uw moeder’. En vanaf dat uur nam de leerling haar bij zich in huis” (Joh. 19,26-27). Kan het duidelijker?