Gemeenschappelijke beleving


We nodigen elke christen uit om anderen te laten delen in de spirituele beleving van de Heilige Geest. Het Evangelie beleven vanuit het leven in de Geest betekent onze boodschap doorgeven. Zo kan iedereen met het hele gezin of in groepsverband zijn weg vinden.


Inleiding


De FIAT-Vereniging wil iedereen helpen die de genade van de doop wenst te (her) ontdekken, beter te leven volgens hun geloof in Jezus Christus en dit geloof te verspreiden in alle aspecten van zijn persoonlijke leven, gezinsleven, professionele en sociale leven.

Om deze ondersteuning effectief te maken, wil de Vereniging het in groep samenkomen promoten. Niemand kan alleen op zichzelf christen zijn. Als we willen dat ons geloof groeit, moeten we het delen met anderen. De Heer zelf zegt ons dit: “Waar twee of drie verenigd zijn in mijn naam, ben ik in hun midden” (Mt 18:20).

De FIAT-Vereniging stelt deze reis voor in kleine groepen genaamd “Cenakel cellen”, geïnspireerd door de eerste “Cenakel“, waar de apostelen zich verzamelden rond Maria wachtend op de heilige Geest beloofd door de Heer.

De werking van een cenakel-groep


Sinds het begin van het apostolaat van de FIAT-Vereniging zien wij hoe kleine “Cenakel-groepen” gegroeid zijn uit het samen bidden van de FIAT-rozenkrans. De sleutel is het FIAT-gebed dat een stevige basis is voor de evangelisatie. Hoe zou men dagelijks het FIAT-gebed kunnen bidden, gericht tot de heilige Geest in verbondenheid met Maria, zonder gedragen te zijn door die geestelijke dynamiek?

Zij die kracht vinden in het bidden van de FIAT-rozenkrans doen hem dikwijls kennen in hun omgeving (familie, vrienden, mede-parochianen,…). Daar stellen wij voor dat deze personen regelmatig de FIAT-rozenkrans samen zouden bidden. Eenmaal dat een kleine groep gevormd is stellen wij voor dat de leden met elkaar delen hoe ze het FIAT-gebed inhoudelijk beleefd hebben. Zo worden allen uitgenodigd om uitdrukking te geven aan de wijze waarop hun geloof de laatste weken gevoed geworden is, en hoe zij getracht hebben in woord en daad te getuigen van Christus en van zijn liefde voor ons.

Wanneer deze ontmoetingen plaats vinden met een zekere regelmaat stellen wij voor dat de groep zich inschakelt in het apostolaat van de plaatselijke kerkgemeenschap. Het is door zich in te schakelen in de plaatselijke kerkgemeenschap (parochie, bisdom) dat de christelijke gemeenschap tot stand komt.

Het initiatief van deze “Cenakel-groepen” komt nu eens van leken, en dan weer zijn het parochiepriesters die er het initiatief toe nemen.

Op grond van deze ervaringen in verschillende landen kunnen wij zeggen dat wij met het FIAT-gebed een genadevol instrument hebben om christenen te helpen zich te engageren en van hun geloof te getuigen. Dat sluit helemaal aan bij onze roeping als gedoopte.

Verloop van een bijeenkomst in 7 punten


1. Beginnen met een lofprijzingslied en met het bidden van de FIAT-rozenkrans of van de traditionele rozenkrans, ingeleid door het FIAT-gebed, waarbij ook de intenties aansluiten.

2. Geestelijke lezing in verband met evangelisatie (heel geschikt is het boek van kardinaal Suenens, Christenen voor morgen, dat een soort handboek is voor de evangelisatie. Na de lectuur van een passage wordt iedereen uitgenodigd om te zeggen welk woord hem of haar getroffen heeft, zonder daarbij uit te wijden. Deze inbreng van elkeen is niet alleen verrijkend voor allen, maar het is ook een manier om in het publiek over geestelijke aangelegenheden te leren spreken.

3. Vervolgens wordt er “gedeeld”, “ad intra” en “ad extra”. Volgens het aantal aanwezigen kan dit gebeuren in een of twee groepen. In een eerste ronde zeggen we iets over ons geestelijk leven (“ad intra”); vervolgens zeggen we iets over onze inzet voor evangelisatie, hoe we getuigen van Christus geweest zijn (“ad extra”). Het komt erop aan in alle eenvoud te zeggen hoe wij in het dagdagelijkse leven het FIAT-gebed beleefd hebben waarin die twee dimensies van het christelijke leven voorkomen: onze ontmoeting met Christus en hoe we van Hem hebben mogen getuigen.

4. Wij stellen voor dit gedeelte van de samenkomt af te sluiten met een lied, bijvoorbeeld het Magnificat.

5. Dan volgt een onderrichting van enkele minuten over een geestelijk of pastoraal onderwerp.

6. Het laatste gedeelte van de vergadering werpt een blik naar de toekomst. Welke initiatieven zullen we nemen tijdens de komende weken? Dat is belangrijk. Een engagement verwoorden ten overstaan van anderen helpt reeds het te verwezenlijken en het behoedt er ons voor dat het enkel bij goede bedoelingen blijft. Het helpt ook ons gedragen te weten door het gebed van de anderen.

7. Tot slot van de vergadering worden enkele berichten meegedeeld en wordt plaats en tijd van de volgende vergadering vastgelegd. Men eindigt met een lied dat bij voorkeur aansluit bij de liturgische tijd van het jaar. De verantwoordelijke of iemand van de groep eindigt met een kort gebed en met het samen bidden van het Onze Vader. Als een priester aanwezig is kan hij de zegen geven.

Een goed beheer van een cenakel-groep


Een Cenakel-groep is geen discussiegroep en ook geen bijbelkring. Zij is helemaal gericht op de verkondiging van de Blijde Boodschap en op ons persoonlijk getuigenis, in woord en daad.

Opdat een vergadering goed zou verlopen is stiptheid van belang, zowel bij het begin als bij het einde van de vergadering. Opdat de groep levenskrachtig zou zijn is het goed dat de vergadering ongeveer anderhalf uur duurt. Wanneer de groep echter te groot wordt is het beter de groep te splitsen voor beide deelrondes (zoals een cel die trouwens geroepen is om zich te vermenigvuldigen). Ofwel kan men twee onafhankelijke groepen overwegen, zodat iedereen aan het woord kan komen.

Om tot een sfeer van gebed en luisteren te komen is het heel nuttig een kleine gebedshoek te hebben waarrond de groep samenkomt. Men kan bvb. op een tafel een tafelkleedje leggen en daarop een icoon van de heilige Drie-eenheid en van O.-L.-Vrouw plaatsen, met een kleine kaars en indien mogelijk enkele bloemen.

De vergaderplaats mag sober zijn, maar dat wil geenszins zeggen dat ze ongezellig moet zijn: men kan letten op de versiering, de temperatuur, niet te lawaaierig, en voorzien van het aantal stoelen dat overeenkomt met het aantal aanwezigen. Eventueel kan men volgens een beurtrol samenkomen bij een van de leden van de groep. Het verdient de voorkeur geen maaltijd te voorzien, maar eventueel een kleine versnapering na de vergadering.

Een zekere discretie is belangrijk: discretie in verband met wat we gehoord hebben, en natuurlijk ook discretie in verband met het persoonlijke leven van de deelnemers.

De cenakel-groepen en de evangelisatie


De missionaire dimensie van de Kerk

De FIAT-Vereniging organiseert zelf geen evangelisatie-activiteiten, maar neemt deel aan het evangelisatiewerk, zoals het ingericht is door de Kerk, op lokaal, parochiaal, diocesaan of internationaal niveau.

De leden van een Cenakel-groep worden uitgenodigd open te staan – volgens hun mogelijkheden en volgens de roeping van de Heer – voor de missionaire dimensie van de Kerk in de ruimste zin van het woord. Sommigen zullen zich geroepen weten tot een of andere caritatieve of sociale dienst; anderen zullen zich inzetten voor individuele begeleiding of voor een dienst in een bijbelgroep of bij de liturgie of catechese. Sommigen zullen deelnemen aan de directe evangelisatie; anderen zullen hun familiaal leven altijd meer ter harte nemen of zich inzetten bij de vervulling van hun plicht van staat. Hoe dan ook, in elke Cenakel-groep moet een grote eerbied heersen voor de persoonlijke weg van elkeen. Het essentiële is te leven in verbondenheid met Maria en in beschikbaarheid tot de heilige Geest die levend maakt, om op een authentieke wijze, in vreugde en vertrouwen, te getuigen van Christus, dáár waar Hij ons wil.

De directe evangelisatie

De directe evangelisatie blijft echter onontbeerlijk en dringend. Zij begint met ontmoeting en luisterbereidheid. Vervolgens komt het getuigenis van het eenvoudig en waarachtig geluk dat wij hebben als christenen te mogen leven. Geleidelijk aan kan de catechese haar plaats vinden in de dialoog.

Gewoonlijk is veel geduld nodig om echt over het geloof te kunnen spreken, in om het even welke levensomstandigheden, zelfs met zijn verwanten en huisgenoten. Evangelisatie vraagt tijd: wat van zijn tijd geven is wat van zijn leven geven, maar zoals de Heer zegt: “Er is meer vreugde in te geven dan in te ontvangen”. Men moet zowel kunnen ontvangen als geven. Is dat ook niet het geheim van de vriendschap?

Evangelisatie moet gedragen zijn door het gebed van allen die samen op weg gaan in de Cenakel-groepen. De steun van zussen en broers in Christus is als een hechte burcht, die ons toelaat stand te houden in de beproeving. Een sober leven en houding zal onze woorden zeker meer draagkracht geven.

In grote nederigheid moeten wij ons kunnen “wegcijferen”; niet meer op onszelf rekenen maar op God. Dát is de weg die God toelaat door ons te handelen en door ons in te spelen op bepaalde noden. Men moet nooit vergeten dat elk werk van evangelisatie werk is van de heilige Geest.